zaterdag, december 05, 2009

Museumsint



In het Catharijneconvent in Utrecht loopt een uitgebreide tentoonstelling over Sinterklaas. Alles wat je altijd over de Sint wilde weten, maar niet durfde te vragen, kun je nu terugvinden in Utrecht. Het beroemde schilderij van Jan Steen, snoepgoed, gedichten en schoolplaten, allemaal even vermakelijk. Met natuurlijk veel aandacht voor de eeuwenoude geschiedenis van de goedheiligman.

Tussen de historische Nicolaas en de moderne Sinterklaas zitten meer dan zeventien eeuwen. De oude legendes komen tot leven met topstukken van bijvoorbeeld de Italiaanse renaissanceschilder Gentile da Fabriano (ca. 1370 - 1427) uit de Vaticaanse Musea. Een van onze sinttradities is het zetten van de schoen. Al in de vijftiende eeuw kregen kinderen geldstukken in hun schoentje. In ons dorp komt trouwens een speciale Piet, die rieten daken kan beklimmen, want dat gaat heus heel anders dan pannendaken.

Sint-Nicolaas op bezoek in Museum Catharijneconvent is nog te zien tot 3 januari 2010. De heilige zelf is dan al lang weer naar het zonnige Spanje. Het plaatje is van Rie Cramer, uit haar boek Het Land van Sinterklaas, een huiselijk tafreeltje van Sint en zijn Pieten.

Labels:

vrijdag, november 27, 2009

Sinterklaassnoep - 3



De geschiedenis van de sinterklaassnoeperij gaat ver terug. Gelegenheidsbakwerk als honingkoeken gaan in Europa terug op de Romeinse traditie. Het Duitse woord Lebkuchen zou afstammen van het Latijn: Libum, offerkoek.
Het lijkt dat ongeveer vanaf de 12e eeuw de koekenbakkersgilden deze koeken in letterlijk op de markt gaan brengen. In Duitsland heette deze beroepsgroep Lebkuechner of Lebzelter. Dan, in de 16e eeuw wordt de Lebkuchenbakkerij een echte handel, waarbij verschillende steden zich op eigen receptuur beriepen en zichzelf tot traditionele Lebkuchenstad uitriepen. Aken en Neurenberg stonden vooraan. Gertersberg in de Elzas, Basel, Salzburg deden dapper mee. De pain d'Epices uit Dijon is ook beroemd. Belangrijkste was, dat er honig in de omgeving te winnen viel, dus dat er ergens imkers in het omringende platteland waren. En een stad met jaarmarkt, heiligen en handel in specerijen.

Tussen de 12e en 16e eeuw wordt de receptuur uitgebreid met meer en duurdere ingredienten. Krenten en rozijnen, amandelen en hazelnoten, sucade en sinaasappelsnippers. En een keur aan specerijen: cardemom, kruidnagel, korianderzaad, kaneel, gember, nootmuskaat en foelie, kruidnagel, zwarte peper, en anijszaad.
Deze 'speculaaskruiden' noemde men gemakshalve allemaal peper, en dat is niet zo gek, wanneer je bijvoorbeeld de wilde Afrikaanse peper uit Zanzibar ruikt, of de cubebapeper, die in de middeleeuwen populair was.

Grote vernieuwing uit de 16e eeuw is het bakken van koeken op ouwel, eetbaar papier dus. De kleverige koek kreeg zo een niet plakkerige ondergrond.
(wordt vervolgd)

Labels:

donderdag, november 26, 2009

Sinterklaassnoep - 2


Het meeste snoepgoed dat wij aan de Sinterklaastijd toeschrijven leidt in andere vorm een wat ruimer bestaan. Denk aan de ontbijtkoek, ook wel peperkoek genaamd.
In speculaas en taaitaai gaan tal van specerijen, waaronder peper. Gemakshalve is die dan maar de naamgever. We noemen hem niet nagelkoek, foeliekoek, anijskoek, kardemomkoek ofzo. Van oorsprong werden dit soort koeken met honing gemaakt, later is dat vervangen door stroop, (bruine) basterdsuiker, of kristalsuiker.
Die honingkoeken hebben een lange geschiedenis. Kom ik morgen op terug.
Onze speculaas, taaitaai en ontbijtkoek hebben familie in Europa: Duitse Lebkuchen, Pfefferkuchen en Printen, Zwitserse, Elzasser, Oostenrijkse Leckerli of Leckerle, Franse pain de epices, het Engelse Gingerbread. De receptuur varieert in de loop van de tijd en per plaats, maar in principe de basis is hetzelfde: honing, meel, specerijen en gedroogd of geconfijt fruit.

Labels:

woensdag, november 25, 2009

Sinterklaassnoep - 1



Afgelopen zaterdag kwam Sint in het dorp aan, de pepernoten vlogen over straat, kinderen liepen opgetogen met zakken schuim taaitaai en speculaas naar huis. Snoepgoed met een lange traditie. Een traditie die sterker bleek dan de Kerk, in zekere zin misschien al ouder was dan de Kerk. Zowel de RK als de protestantse.
De verboden op het snoepgoed - uit de 17e eeuw - zijn smakelijk leesvoer:

De Sint-Nicolaaskeur van Enkhuizen verbiedt speculaaspoppen die een vis, vogel, ofte andere gedierte voorstelt op straffe van beurtverklaring en drie gulden boete en nog eens waalf stuivers voor de Heer Officier. In Hoorn moest in 1626 de heele santenkraam van de straat, er mochten geen poppen van heiligen (santen) verkocht worden. Ook in Amsterdam was men fel gekant tegen het poppengoed en alderhande slickerdemick. In Delft werd in 1600 al verboden om 5 december met kramen op de markt te staan voor de verkoop van verscheyden goederen, die men den cleynen kinderen dyets maeckt dat den zelffden Nicolaes hen luyden geeft. In Tiel wilde men in 1607 alde superstitien inperken en daarom was het verboden dat de kinderen hun schoen zetten bij vrienden of anderen. Ook bakkers en kramen werden van de straat geweerd op poene van twee goudguldens en verbeurdverklaring van de goederen.
Om maar een paar verboden te noemen. In diezelfde tijd schilderde Jan Steen zijn Sint Nicolaasavond, waar het snoepgoed ruim op figureert. Het heeft allemaal niet mogen baten. De bakkers bakten als vanouds peperkoek, honingkoek en de smaak van nu verschilt maar een beetje van die van toen, die Middeleeuwse smaak. Maar waar hier ten lande speculaas en taai taai ernstig met de Sint verbonden zijn, is in andere streken van Europa de peperkoek of de pain de epices met veel meer feesten en gelegenheden verbonden.

Labels: